Een leuke Kerst maak je zelf


TIPS

Een leuke Kerst maak je zelf

 

Bespaar100 euro

Ren niet naar de winkel om je gek te laten maken door de laatste kerstmode. Vroeger deden mensen dertig jaar met hun eenvoudige gouden of zilveren kerstspullen. Haal eerst je eigen kerstspullen tevoorschijn en inspecteer wat je allemaal nog hebt. Het is waarschijnlijk meer dan je gebruikt. Selecteer dat wat je wilt houden. Van de rest kun je kerststukjes maken.

QUOTE


Maak zelf kerststukjes om weg te geven
Nodig: leuke schaaltjes, stukken oase, kerstfrutsels, groene takjes en kaarsen. De schaaltjes zoek je in schuur, kelder, kerstdoos of kast. Oase zit misschien nog in je Kerstdoos, maar je kunt ook een stuk kopen, het is helemaal niet duur. De frutsels (ballen op een stokje, rode pepers, engeltjes, minicadeautjes) komen uit de kerstdoos of je maakt ze zelf. De groene takjes kunnen van de kerstboom afkomen. Onderaan is makkelijk een tak weg te snoeien. Takjes van een conifeer zijn ook geschikt, ze ruiken lekker en blijven groen. Oase in het schaaltje, eerst een krans groene takjes, de frutsels ertussen en tot slot een kaars erin steken. Doe inspiratie op bij de supermarkt, daar staan de kerststukjes veel minder leuk dan je zelfgemaakte voor 8 tot 118 euro.

Maak zelf een kerstboom
Je kunt kamerdennen en grote groene kamerplanten zoals de ficus bij elkaar zetten en samen een ‘kerstboom’ laten vormen. Wat lichtjes eromheen, wat kerstversiering, en klaar is je kerstboom. Ook groen van buiten is te gebruiken, en dat hoeven niet altijd dennentakken te zijn. Klimop is overal te vinden, zelfs in de stad; dat is goed als kerstversiering te gebruiken. Het blijft heel lang groen en er vallen geen naalden van af. Leuk om een tak rond een dikke kaars te draperen. Ook het groen van coniferen doet het goed als kerstversiering. De afgeknipte takken kunnen bewaard worden door ze in de aarde te steken. Bij biobakken ligt vaak prachtig groen. Takken kunnen ook op het balkon bewaard worden tot de kerst.


Kerstkrans van brooddeeg
Nodig: 6 koppen bloem, 2 koppen zout, 2 koppen water. Kneed het deeg en verdeel het in drieën, houd een klein stukje apart. Maak slierten van de drie delen en maak daarvan een vlecht. Buig de vlecht tot een cirkel. Bedek de aanhechting met van brooddeeg gemaakte blaadjes.

Tekst: Marieke Henselmans. Illustratie: Gijs Henselmans